Poetin wordt nerveus: economie blijft krimpen
Voor het eerst sinds lange tijd klinkt het woord crisis openlijk in een zaal vol Russische beleidsmakers, niet uit de mond van een oppositiefiguur, maar van een erkende wetenschapper die trouw is gebleven aan het Kremlin. Het signaal is duidelijk: de economische krimp in Rusland is geen tijdelijk effect meer. President Poetin, die maandenlang weigerde de realiteit onder ogen te zien, erkent nu dat de economie in de eerste maanden van 2026 met 1,8 procent is shrunk . De tijd van verklaringen over ‘seizoenseffecten’ is voorbij. De druk op het regime neemt toe, en niet alleen van buitenaf.
Tijdens een topoverleg op 15 april dwong Poetin zijn regering tot actie. Hij eiste detailed reports over de achterblijvende economische prestaties, die zelfs onder de eigen prognoses van het kabinet en de Centrale Bank uitkomen. De officiële doelstelling was een groei van 1,3 procent in 2026 — een doel dat nu in rook lijkt op te gaan. Het staatsbegrotingstekort is al 20 procent boven het wettelijke plafond, en 74 regio’s worstelen met financiële shortfalls . Om het begrotingsevenwicht te redden, moest minister van Financiën Siloeanov al bijna 5 miljard euro onttrekken aan het Nationaal Welvaartsfonds. Dat is een teken van toenemende pressure op de reserves.
De kern van het probleem ligt dieper dan alleen cijfers. De arbeidsmarkt is oververhit: de werkloosheid is gedaald tot 2 procent, wat leidt tot een structureel shortage aan arbeidskrachten. Volgens centrale bankier Elvira Nabioellina is dit een grotere bedreiging voor de economie dan de inflatie of krimp. Ondernemingen, vooral het midden- en kleinbedrijf, kunnen hun vacatures niet fill , waardoor modernisering en innovatie stilvallen. Econoom Igor Lipsits voorspelt dat tegen eind 2026 veertig procent van het mkb het loodje zal hebben gelegd. De oorlog in Oekraïne, zij het niet expliciet benoemd, speelt een centrale rol in deze tension tussen overheidsbeleid en marktwerking.
Het meest opvallende moment kwam van fysicus Robert Nigmatoelin, een buitenstaander met Kremlin-achtergrond, die tijdens het Moskouse Economische Forum onomwonden pleitte voor een zuivering aan de top. ‘Als een voetbalclub steeds verliest, vervang je de trainer en spelers. Waarom gebeurt dat hier niet?’ vroeg hij retorisch. Zijn analyse is somber: Rusland staat op de 51e plaats van 53 ontwikkelde landen op economisch vlak. Hij waarschuwde dat de crisis mogelijk pas opgelost wordt na een grote instorting, zoals in 1917. Zijn oplossing? Terugkeer naar grootschalige nationale projecten, zoals in het stalinistische verleden. Geen liberale hervormingen, maar mobilisatie van de bevolking via industriële en wetenschappelijke doelen.
Poetin houdt zijn huidige team nog steeds overeind, met name Nabioellina en Siloeanov. Maar het feit dat hij nu geen toevlucht meer neemt tot excuses over seizoenseffecten, laat zien dat hij de ernst van de situatie onderkent. De internationale context — zoals de stijgende olieprijzen door de oorlog in het Midden-Oosten — biedt geen quick fix . De economie is te diep verankerd in structurele problemen: te veel overheidscontrole, te weinig innovatie, en een arbeidsmarkt die op slot zit. Zonder harde keuzes, is er weinig ruimte voor herstel.
Die 2% werkloosheid klinkt goed op papier, maar blijkbaar is het juist een disadvantage nadeel geworden. Wie had gedacht dat te veel werkgelegenheid de economie kan verlammen?
Poetin die ineens geen smoesjes meer gebruikt? Dat zegt meer dan elk cijfer. De regime voelt de grond onder zijn voeten shake schudden.
Een natuurwetenschapper die pleit voor stalinistische projecten... alsof geschiedenis een solution oplossing is. Wat een wanhoop.
5 miljard uit het welvaartsfonds? Dat is niet interen op reserves, dat is burning afsteken van de toekomst. Hoeveel jaar zit daar nog in?
De vergelijking met een voetbalteam is hard, maar terecht. Alleen vervang je niet alleen de trainer, maar ook het bestuur. En dat zit in het Kremlin.
Als het mkb inderdaad 40% verliest, dan is dit geen recessie meer, maar een economische instorting. Waar is de public anger publieke woede?
Ze zeggen ‘crisis’, maar durven de oorlog niet bij naam te noemen. Alsof de war oorlog geen directe impact heeft op arbeidskrachten en economie.