DNA: hondenfluitje of hoop? De laatste kans voor Keijzer
Een nieuwe partij komt opzetten in het Nederlandse political landschap, en de naam zegt al genoeg: DNA. Niet het genetische soort, maar de afkorting voor de Nederlandse Alliantie, opgericht door Gidi Markuszower na een afsplitting van zeven voormalige PVV’ers. De partij presenteerde zich met een krachtige message : ‘één taal, één rechtsorde, één gedeelde cultuur’. Het is een retoriek die resonantie lijkt te vinden bij kiezers die zich lang ongehoord hebben gevoeld — mensen in Loosdrecht die onvoldoende werden geïnformeerd over asielopvang, zzp’ers met een dieselbusje, onderwijzers en verpleegkundigen. Zij zijn het, zegt Esther van Fenema, die weinig hebben aan urban oplossingen als bakfietsplannen of OV-abonnementen van Jesse Klaver.
De naam DNA roept bij velen emotional reacties op. Van Fenema noemt het ‘prikkelend’: “Als je hem even platslaat, dan voelen mensen zich aangesproken door iets wat suggereert dat er een Nederlands DNA bestaat.” Het is precies dat gevoel van belonging dat de partij lijkt aan te spreken — een shared identiteit, een cultuur die beschermd moet worden. Maar is dat ook een solide basis voor een democratic beweging? Ton F. van Dijk vraagt zich hardop af of het niet werkt als een soort ‘hondenfluitje’ — een subliminale oproep voor kiezers die bang zijn dat hun Nederland verdwijnt.
Intussen claimt Markuszower dat DNA niet alleen statements wil maken, maar concrete resultaten wil boeken. Een belofte van compromise , in tegenstelling tot de PVV, die volgens de afsplitsers vooral lawaai maakt zonder daadwerkelijk te regeren. Maar de peilingen spreken een andere taal. Volgens Maurice de Hond zou DNA onder leiding van Mona Keijzer op acht zetels uitkomen — driemaal zoveel als onder Markuszower zelf. Zelfs een independent lijst onder Keijzer zou zeven zetels halen. Het signaal is duidelijk: de kiezer heeft meer vertrouwen in haar dan in de partij zoals die nu is.
Is dit dan de laatste kans voor Mona Keijzer? Van Dijk denkt van wel. “Als ik Mona Keijzer was, zou ik ervoor kiezen om met een eigen club te gaan en niet met DNA.” Hij waarschuwt voor internal machtsstrijd, zoals eerder bij BBB, en pleit voor een klein, hecht team waarin zij de control houdt. Van Fenema dringt aan op meer inhoud: “Ik heb ongelooflijk behoefte aan een gedegen inhoudelijk programma.” Want uiteindelijk, zeggen de cijfers en de toon, gaat het niet alleen om identiteit, maar om wie echt luistert — en wie daarna ook delivers .
Die slogan 'één taal, één cultuur' voelt al snel alsof je exclude uitsluit wie anders is. Is dat nou echt het Nederland dat we willen?
Eindelijk iemand die praat over wat écht speelt: energiekosten, asiel, werk. Niet weer die green groene dromen van Amsterdam.
Als ze serieus zijn over zzp’ers, waar is dan het plan voor dieselvergoeding? Of is het weer empty lege retoriek?
‘Nederlands DNA’ als slogan? Dat is geen politiek, dat is mythologie. En gevaarlijke bovendien.
Keijzer heeft geloofwaardigheid. Laat haar haar eigen ding doen. Geen merger fusie met een partij die ze niet heeft opgebouwd.
Acht zetels met Keijzer, drie zonder. De kiezer is duidelijk: het gaat om de leader leider, niet om de partijnaam.
‘Gedeelde cultuur’ klinkt mooi, maar wie bepaalt wat daaronder valt? En wie wordt erbuiten gelaten?
Ze praten over het platteland, maar wonen ze ook hier? Of is het gewoon symbolic symboliek voor de camera?