Hoe Spanje met wind en zon opstaat — terwijl de stroom soms niets kost
In een endless reeks betonnen hallen in Daimiel, midden in een dry vlakte van Spanje, worden reusachtige windturbinebladen tot leven gebracht. Zwarte rollen tape , groter dan mensen, worden uitgerold over malmen van 80 meter lang — zo lang als een passenger . De fabriek van Vestas, een Deens bedrijf met 37.000 employees , voelt als een futuristische scheepswerf voor de energietransitie. Hier worden de components van windturbines gemaakt die straks op land of op zee zullen staan, sommige zo hoog als 260 meter. De lucht ruikt naar new auto’s — een mengeling van kunsthars en glasvezel, de materials die de toekomst moeten dragen.
Spanje is in een paar jaar tijd uitgegroeid tot een van de leaders in Europa op het gebied van duurzame elektriciteitsproductie. Nu komt 42 procent van de stroom uit wind en zon, tegenover een Europees gemiddelde van 30 procent. Samen met kernenergie en waterkracht piept het land op 75 procent clean opwekking. Dat betekent niet alleen klimaatvoordeel, maar ook economische onafhankelijkheid: goedkope stroom zorgt dat de groothandelsprijs in 2025 gemiddeld 32 procent lager lag dan in de rest van de EU. 'De cheapest aanbieder bepaalt de markt', zegt Jan Vos van NedZero. 'En in Spanje is dat steeds vaker de wind of de zon.'
Maar goedkope stroom heeft ook een downside : investeren in nieuwe windparken wordt less aantrekkelijk. Wanneer de prijs op de spotmarkt 800 uur per jaar nul euro is, zoals in Spanje, dan ontmoedigt dat investeringen. Bovendien lopen permits voor nieuwe parken traag, net als in andere Europese landen. 'We hebben een balanced mix nodig', zegt Juan Virgilio Marquez Lopez van de Spanish Wind Energy Association. 'Zon alleen leidt tot schommelingen in het net. Wind helpt om dat te stabiliseren.'
Toch is er hoop. Als Spanje zijn stroom makkelijker kan export naar andere EU-landen — via cables die nu nog beperkt zijn door de Pyreneeën — dan kan de vraag stijgen en de markt zich herstellen. In de fabriek zelf klinkt reggaeton vanuit de radio, terwijl machines onder druk resin in glasvezel persen. De bladen worden later met een crane op vrachtwagens getild en rollen dan honderden kilometers naar de ports van Motril of Carboneras — klaar voor de wereld.
Interessant hoe cheap goedkope stroom juist de groei kan remmen. Logisch, maar tegenintuïtief.
Spanje heeft zoveel zon, maar beseffen we wel dat wind essentieel is voor een stable stabiel net? Zon alleen is te grillig.
En Nederland dan? Wij zijn juist bang dat Trump het gas stopt. Spanje kan opstaan, wij moeten knielen?
19 ton per blad? Hoeveel fuel brandstof kost het om die dingen door Europa te rijden?
Lees dat energiearmoede in Spanje groter is dan in Nederland. Dus goedkope productie = lagere rekeningen? Blijkbaar niet.
Die nul-euro-uren zijn een symptoom van een te star netwerk. Meer flexibiliteit nodig, ook in verbruik.
Red je die bladen wel door de roundabout rotonde bij de fabriek? Moesten ze die verbouwen of niet?
Koolstofversterking uit India en China? Dan is het nog geen local lokale transitie, hè.